0
![]() |
Toneelvereniging Hoofddorp |
|||||||||||||||||||||||||
| |
||||||||||||||||||||||||||
|
Het culturele seizoen loopt op zijn laatste benen. Op de website van De Meerse kom je weliswaar nog een enkele verdwaalde voorstelling tegen, maar het zijn de laatste stuiptrekkingen voor de zomer. Ook het fijne radioprogramma PuurCultuur begint binnenkort aan zijn zomerslaap en dat betekent spijtig genoeg dat ik aan mijn voorlopig laatste column ben begonnen. Mijn creatieve hersenspinsels kunnen dus de komende maanden achter slot en grendel; uiteraard wel goed gekoeld! Het eind van het culturele seizoen luidt ook het begin in van een voor velen welkome onderbreking van de dagelijkse beslommeringen. Inderdaad, ik heb het over de vakantie. Een periode van één, twee, drie of soms nog meer weken waarin we ons ineens compleet anders gaan gedragen dan de rest van het jaar. Om een voorbeeld te noemen: geen zinnig mens zou het acceptabel vinden om elke dag door weer en wind honderd meter te moeten lopen naar de badkamer of het toilet. En toch zijn vele honderdduizenden landgenoten binnenkort compleet gelukkig terug te vinden op de camping. Ander voorbeeld: als we een kwartiertje langer onderweg zijn naar ons werk vanwege een uit de hand gelopen dagelijkse file of haperend openbaar vervoer, klagen we moord en brand. Maar in de vakantie staan we fluitend en met een brede glimlach urenlang te wachten op het vliegveld of een Europese snelweg naar keuze. Merkwaardig… Begrijp me goed: ik heb niets tegen vakantie. Ook ik mag graag met enige regelmaat de voordeur in het nachtslot draaien om met mijn koffertje in de hand een meer of minder verre bestemming op te zoeken. Maar om nu te zeggen dat je mij een plezier doet door me eerst te trakteren op uitgebreide wachttijden om me vervolgens onder de meest primitieve omstandigheden wekenlang in de vrije natuur los te laten. Nee dus. Als kind zag ik de lol al niet in van het nationale volksvermaak dat kamperen heet, daarin overigens van harte gesteund door mijn ouders, en ik heb sindsdien nog geen enkele plausibele reden gevonden om mijn mening op dit punt te herzien. Zelfs mijn schoonouders en hun lieftallige dochter is het niet gelukt mij van het tegendeel te overtuigen. In ieder geval vind ik het nog altijd bijzonder prettig als ik in mijn tijdelijke accommodatie gewoon rechtop kan staan, 's nachts in een fatsoenlijk bed kan slapen en niet naar buiten hoef te lopen als ik nodig moet. Ook de reis naar en van mijn vakantieadres zie ik vaak als een noodzakelijk kwaad. Ik zit echt niet te wachten op een gedwongen urenlang verblijf op een rumoerig vliegveld waar je voornamelijk zit te… eh… wachten. Om maar te zwijgen van die irritante douanecontroles waarbij je op je sokken door een poortje moet schuifelen, met één hand krampachtig je broek omhooghoudend omdat je je riem samen met alle andere metalen hulpstukken net in een plastic bakje heb moeten deponeren. En vervolgens gaat toch dat rotalarm nog af, met alle nare gevolgen vandien. Dit overigens tot grote hilariteit van je medereizigers, toevallig weer mijn schoonouders en hun lieftallige dochter, die wel ongeschonden door de controle zijn gekomen. Het vliegen zelf vind ik trouwens ook niks: echt ruim is het allemaal niet, je kunt geen kant op en het raampje mag niet eens open! Het goede nieuws is dat we al die ontberingen over een paar maanden weer achter de rug hebben. Dan begint gewoon het nieuwe theaterseizoen, in een geheel vernieuwde schouwburg, en zal ook het fijne radioprogramma PuurCultuur weer te beluisteren zijn inclusief de bijdragen van ondergetekende. Ik kan haast niet wachten. In de tussentijd wens ik alle luisteraars een fantastische vakantie, zonder wachttijden op de weg, in de lucht of op het water. En voor degenen die toch nog willen gaan kamperen, om in theatertermen te blijven: toi-toi-toi. Tot in september! © 2010 - Peter Ludikhuize
©:
|
|
|
|||||||||||||||||||||||
| 16-Feb-2009 laatste wijziging | ||||||||||||||||||||||||||